U bent hier: Home » Behandelingen » Diagnostiek » CT-onderzoek » Contrastvloeistof

Contrastvloeistof

Bij enkele onderzoeken wordt contrastvloeistof gebruikt. Dit is nodig om de betreffende organen zichtbaar te maken.

Wanneer dit bij u het geval is, dan wordt een infuus in de arm aangelegd. Dit is vergelijkbaar met een prik voor bloedafname.

Van de contrastvloeistof merkt u weinig. Sommige mensen krijgen het een beetje warm. Dit trekt snel weer weg. Tijdens het inlopen van de contrastvloeistof wordt de scan gemaakt.

Het kan zijn dat er een verlate reactie optreedt op de contrastvloeistof. Daarom is het nodig dat u na het onderzoek nog een kwartier in de wachtkamer blijft. Het infuus blijft gedurende deze tijd in uw arm. Na verwijdering van het infuus kunt u op eigen gelegenheid naar huis.

De contrastvloeistof onttrekt vocht aan het lichaam. Drink daarom na het onderzoek veel (ongeveer anderhalf tot twee liter) om het verlies aan te vullen.

Wanneer er contrastvloeistof gebruikt wordt bij onderzoek aan uw heup dient u voor het onderzoek te stoppen met de antistollende medicijnen Acenocoumarol en Fenprocoumon. De overige bloedverdunners mogen wel ingenomen worden.

Let op! 
Als u in het verleden contrastvloeistof toegediend heeft gekregen en daarop overgevoeligheidsreactie(s) heeft vertoond wordt u dringend verzocht dit voorafgaand aan het onderzoek te melden aan de laborant.

| Share
Onze expertise en ervaring
Op jaarbasis doen wij circa 1200 CT onderzoeken