[ Multiple Sclerose.. ]Het revalidatiecentrum van de Sint Maartenskliniek biedt een klinische en poliklinische behandeling. Als u nog niet veilig thuis kunt functioneren, kunt u in aanmerking komen voor een klinische behandeling. U verblijft dan dag en nacht in de Sint Maartenskliniek.
Als u met of zonder begeleiding van naasten veilig en verantwoord thuis kunt functioneren, maar nog wel meerdere soorten therapieën nodig hebt, kunt u poliklinisch behandeld worden. Dit houdt in dat u thuis bent en alleen voor therapie naar de Maartenskliniek komt. Meestal zijn dit enkele uren of enkele dagen per week.
Aanmelding
Uw (huis)arts of specialist verwijst u naar een poliklinische revalidatiebehandeling. Wanneer u behandeld wilt worden in de Sint Maartenskliniek geeft u dit door aan uw (huis)arts of specialist. Uw (huis)arts of specialist meldt u aan bij de Maartenskliniek.
Na aanmelding wordt u opgeroepen voor een afspraak met één van de revalidatieartsen op de polikliniek. De revalidatiearts bekijkt welke therapeuten nodig zijn en stelt een artsenbrief op met daarin de belangrijkste medische bevindingen. Deze artsenbrief wordt naar de therapeuten van het revalidatiecentrum en uw huisarts of specialist gestuurd. Wanneer u daadwerkelijk kunt starten met de revalidatiebehandeling hangt af van de wachtlijst die er op dat moment is.
Onderzoeksfase
De behandeling start met een onderzoeksfase. Deze duurt in principe vier weken. Deze fase is erop gericht een behandeling op uw situatie samen te stellen. De disciplines die betrokken zijn bij uw behandeling, doen ieder een intake. Tijdens de intake maakt u kennis met de verschillende therapeuten en wordt u door hen onderzocht en geobserveerd. Indien nodig verricht de revalidatiearts aanvullend lichamelijk of technisch onderzoek.
Behandelfase
In de behandeling staat uw eigen hulpvraag centraal. Door de behandelend arts en therapeuten wordt beoordeeld wat uw kernprobleem is. Dit is het grootste probleem waar u in het dagelijks leven tegenaan loopt. Gezamenlijk en in overleg met u worden de prioriteiten in de behandeling bepaald en een behandelplan opgesteld. Elke discipline gaat uit van eenzelfde hoofddoelstelling. Deze hoofddoelstelling beschrijft het resultaat dat u en het behandelteam met uw behandeling willen bereiken binnen een bepaalde termijn. Daarnaast stelt elke afzonderlijke therapeut ook revalidatiedoelstellingen op.
Elke week is er een overleg met alle therapeuten. Tijdens dit overleg worden alle patiënten kort besproken. In de behandelfase worden uw revalidatieplan, uw hulpvraag en de revalidatiedoelen iedere vier tot zes weken geëvalueerd. Voorafgaand aan dit overleg heeft u een poli-afspraak met uw revalidatiearts. Tijdens deze afspraak bespreekt u de voortgang van uw revalidatieproces met de arts. Indien nodig wordt nog een behandelperiode vastgesteld. De behandelfase wordt op deze manier verlengd. Zo niet, dan gaat u de ontslagfase in.
Ontslagfase
Tijdens de polia-fspraak bepaalt de revalidatiearts samen met u het ontslagmoment. De arts gebruikt hiervoor de informatie uit de verslaglegging van de betrokken disciplines. Aan het einde van het revalidatietraject rapporteert de revalidatiearts de bevindingen, behaalde resultaten en eventuele adviezen naar uw huisarts of specialist.
Controle afspraak
Na ongeveer vier maanden wordt u nogmaals uitgenodigd voor een poli-afspraak met de revalidatiearts. Tijdens deze afspraak wordt de revalidatieperiode geëvalueerd. Tevens wordt dan met u besproken of vervolgcontroles nodig zijn.