[ MaartensMagazine ]De artsen van de Sint Maartenskliniek krijgen dagelijks vele vragen van patiënten. Vragen over gezond bewegen, over opbouwen na een operatie, over toekomstverwachtingen, over leefstijl en over pijnbestrijding. In Dokter! Dokter! beantwoorden medisch specialisten de meest gestelde vragen.
Ik heb een schouderprothese. Mag ik na de herstelperiode weer klussen in huis (bijvoorbeeld zagen en timmeren)?
Vervanging van een schoudergewricht door een prothese is vaak een forse operatie. Er zijn grofweg twee verschillende modellen. De zogeheten anatomische protheses zijn vaak beter bestand tegen belasting dan een zogeheten omgekeerde prothese. De belastbaarheid van een schouderprothese is goed. Wel is er een beperking in belastbaarheid van de schouder als de omliggende spieren verslechterd zijn. Klussen in huis geeft over het algemeen geen problemen. Zolang als er maar geen langdurige zware trillingen op de arm komen (bijvoorbeeld door een drilboor) is er geen beperking. Ook bij het sporten lijkt een schouderprothese geen belemmering te geven. Wel wordt geadviseerd om geen contactsporten te doen, individuele sporten geven minder bezwaren.
Marco van der Pluijm, orthopedisch chirurg
Gaat jeugdreuma over in een ander soort reuma?
In het verleden werd gedacht dat jeugdreuma dezelfde ziekte was als reumatoide artritis (RA) op volwassen leeftijd, met enkele kleine verschillen. Inmiddels wordt steeds duidelijker dat jeugdreuma verschilt van RA. Kinderen met reuma hebben andere klinische verschijnselen en een andere genetische achtergrond en ontstaanswijze. De ziekte heeft bovendien ook een andere prognose. Een deel van de kinderen groeit erover heen. Jeugdreuma verandert uiteindelijk niet in een ander soort reuma. Wanneer er verschijnselen blijven op volwassen leeftijd, blijft het jeugdreuma heten. Alleen de reumafactor positieve polyartriculaire vorm van jeugdreuma lijkt erg op RA en kan dezelfde verschijnselen geven op volwassen leeftijd. Deze vorm van reuma is zeldzaam (3% van de kinderen met jeugdreuma) en zien we alleen bij oudere kinderen.
Esther Hoppenreijs, reumatoloog
Ons kind kan niet goed meekomen op school en zijn bewegingen zien er heel onhandig uit, hij beweegt zich houterig en valt vaak. Wat is er aan de hand?
Om de vraag te kunnen beantwoorden is een totaalbeeld van de ontwikkeling van uw kind noodzakelijk. Hoe functioneert het kind op verschillende gebieden in vergelijking tot leeftijdsgenootjes? Een team van diverse professionals van ZOOM-IN brengt de sterke en zwakke punten van uw kind op het gebied van motoriek, cognitie, communicatie en gedrag in beeld. De belangrijkste conclusies leiden tot een plan. Dit plan wordt vervolgens vertaald naar een advies: wat heeft het kind thuis en op school nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen? Uiteindelijk zorgt het team voor een goede overdracht van de adviezen naar de schoolsituatie. Dit gebeurt allemaal in drie weken. ZOOM-IN is een samenwerkingsverband tussen de Sint Maartenskliniek, de St. Maartenschool en het REC-Rivierenland.
Margriet Poelma, kinderrevalidatiearts