Behandeling van pijn via het brein
Als je pijn hebt, behandel je het pijnlijke lichaamsdeel. Dat lijkt logisch. Toch is deze aanpak niet altijd succesvol. Bij posttraumatische dystrofiepatiënten is er geen duidelijk lichamelijke oorzaak voor de vaak zeer ernstige pijnklachten. Samen met drie fysiotherapeuten en een ergotherapeut behandelt revalidatiearts Albert de Fretes sinds 2006 patiënten die vaak al jaren rondlopen met chronische onverklaarbare pijnklachten. Een van deze patiënten is pedagogisch medewerker Yvonne Fokker (53) uit Nijmegen. Na een succesvol behandelde nekhernia in 2006 bleef zij last houden van haar linkerwijsvinger. 'Alle pijn was weg, behalve in die ene vinger. Het voelde alsof die vinger brandde.'

Yvonne Fokker bezocht met haar klachten de neuroloog, huidspecialist, fysiotherapeut, een osteopaat en een reumatoloog. 'Geen van allen konden uitsluitsel geven over wat er met mijn vinger aan de hand was.' Inmiddels was de brandende pijn zo overheersend dat Yvonne Fokker de hele dag haar vinger probeerde te ontzien. 'Ik werk op een peuterspeelzaal en kleuters proberen natuurlijk heel vaak je hand te pakken. Daarom liep ik de hele tijd met mijn wijsvinger in de lucht om kinderhandjes te ontwijken, waardoor ik ook nog pijn aan mijn schouders kreeg.' Maar ook in andere dagelijkse dingen werd de vinger een steeds grotere belemmering. 'Stond ik bij de kassa van de supermarkt, kon ik geen kleingeld uit mijn portemonnee halen. En zwemmen deed ik met mijn vinger boven water.' Zelfs het gevoel van een laken kon ze niet verdragen, waardoor ze met haar vinger boven het dekbed moest slapen. 'Ik had mijn vinger altijd vooruit gestoken, als een soort pistooltje,' vertelt ze. 'Snij hem er maar af, dacht ik op een gegeven moment. Deze vinger hoort er niet meer bij. Ik heb er alleen maar last van.'
Interactie'Bij het in stand houden van pijnklachten spelen meerdere factoren een rol,' vertelt fysiotherapeut Robert Kersten, werkzaam bij het revalidatiecentrum van de Sint Maartenskliniek. 'Lichaamsbeperkingen en een onduidelijke diagnose kunnen leiden tot angst. En angst zorgt ervoor dat mensen minder en anders gaan bewegen. Vaak wordt er óf naar het lichaam óf naar de geest gekeken, terwijl er een voortdurende interactie tussen deze twee is. Functionele MRI's tonen aan dat bij pijn meerdere gebieden in de hersenen betrokken zijn. We kiezen weliswaar de lichamelijke beperking als insteek, maar kijken daarnaast ook goed naar andere aspecten zoals gedachten en emoties, het gedrag van mensen en de omgeving.' 'Wat we willen bereiken,' vult fysiotherapeut Guy Gilbers aan, 'is dat de patiënt controle krijgt over zijn klachten, dat hij een actieve houding aanleert zodat hij zelf kijkt wat hij kan doen om de pijn te verminderen. Uit onze eerste resultaten blijkt dat in tachtig procent van de gevallen de patiënt grote vooruitgang boekt.'
Door de pijn heenDe ervaring leert dat mensen zich serieus genomen voelen als ze bij het behandelteam van dokter Albert de Fretes komen. Dat geldt ook voor Yvonne Fokker. 'Je voelt je toch wat onbenullig met zo'n vinger. Maar dokter de Fretes verzekerde me dat de behandeling ook echt voor mijn klachten bedoeld was.' De therapie zou heftig zijn, dus Yvonne Fokker moest de eerste keren iemand meenemen. 'Eerst moest ik laten zien hoe ik dingen deed met mijn vinger. Mijn handen wassen, veters strikken en dat soort dingen. De keer daarna pakte Robert vrij onverwacht mijn vinger vast. Ik had zo'n pijn, mijn vinger brandde alsof hij in een gloeiende oven zat. Maar Robert negeerde mijn pijn en mijn reactie daarop volledig, en bleef mijn vinger vasthouden. Na een paar minuten, voelde ik dat er wat veranderde. De pijn was niet weg maar ik voelde een soort tinteling in mijn vinger. Vanaf dat moment wist ik dat deze therapie mij verder zou helpen.' Yvonne Fokker leerde dat in deze fase de pijn geen waarschuwingssignaal meer is dat ze moet volgen. Door het inzicht in hoe pijn werkt, kon ze anders met haar vinger omgaan. Na zes sessies is Yvonne Fokker vrijwel volledig van haar klachten af. Ze kan weer alles doen. 'Mijn vinger hoort er weer bij, hij doet weer helemaal mee. Alleen het topje van mijn vinger is nog wat gevoelloos, maar daar kan ik goed mee leven.' o
Herprogrammeren met spiegel In de hersenen zijn alle delen van het lichaam terug te vinden. Wanneer je bijvoorbeeld je handen veel gebruikt, is er ook veel activiteit in de hersenen op deze plek. Gebruik je een bepaald lichaamsdeel bijna niet meer, dan wordt de plek van dit lichaamsdeel in de hersenen kleiner. Door het pijnlijke lichaamsdeel weer te gaan bewegen en gebruiken, worden de hersenen in dit gebied gestimuleerd. Spiegeltherapie is een van de manieren om de waarneming van het pijnlijke lichaamsdeel te normaliseren. Yvonne Fokker oefende met het bewegen van haar rechterwijsvinger voor een haaks op het lichaam geplaatste spiegel. In de spiegel zag ze, als het ware, haar pijnlijke linkerwijsvinger bewegen. Maar het beeld van de bewegende 'linkervinger' ging niet gepaard met pijn. Daardoor deed ze de ervaring op dat het mogelijk is om zonder pijn haar vinger te gebruiken.
|
Auteur: Astrid van de Laar [laatste update: 7 december 2010] -
Vragen?