U bent hier: Home » Nieuws » Patiëntervaringen » Patiëntenervaring

Handartrose de baas: 'Ik ga niet meer zitten stoeien.'

Te laat in de gaten hebben dat je rust had moeten nemen. Of moeite hebben met hulp vragen. Geen 'nee' kunnen zeggen. De deelnemers van de handartrosegroep van het reumacentrum herkennen het allemaal. In vier dagdelen leren ze om te gaan met hun aandoening en de klachten die ze daarvan ondervinden. Nel Knegt nam in het najaar van 2007 deel aan deze groep en vertelt wat dat voor haar betekend heeft.

Snoeien
Nel Knegt is 59 jaar en geen type dat graag stil zit. Ze werkt halve dagen in de verslavingszorg, sport het liefst vijf keer in de week en gaat graag aan de zwier met haar kinderen en kleinkinderen. Vroeger deed ze nog aan tennis, badminton, skiën en fietsen, maar vanwege haar artrose heeft ze drastisch in deze activiteiten moeten snoeien. 'Je mag het geen slijtage noemen, maar zo beleef ik het wel,' zegt ze. Ongeveer tien jaar geleden kreeg ze voor het eerst last van haar handen. De artrose begon bij haar duim. Die werd rood en leek ontstoken. Er kwam een vinger bij, en toen nog één, en toen een voet. Nel Knegt tilt er niet vreselijk zwaar aan. 'Je wordt nou eenmaal ouder'.

Handartrose de baas
Maar toen ze vorig jaar in de krant een artikeltje tegenkwam over een nieuw medicijn dat pijnklachten bij artrose kon verminderen, besloot ze een afspraak te maken bij het reumacentrum van de Sint Maartenskliniek. Ze kwam terecht bij dokter de Rooij, die haar attendeerde op de groepsbehandeling van handartrose. Daar zou ze leren om te gaan met de pijn- en vermoeidheidsklachten ten gevolge van haar artrose. De multidisciplinaire behandeling gaat er vanuit dat mensen zélf een keuze hebben in hoe ze omgaan met hun aandoening. Door patiënten beter voor te lichten, goede instructies te geven en intensief te trainen krijgen ze meer grip op hun klachten en worden ze zodoende meer de baas over hun ziekte. 'Mijn klachten zijn niet minder geworden', zegt Nel Knegt, 'maar ik ga er nu heel anders mee om.'

Het kan ook anders
Het voornaamste wat ze in de groep geleerd heeft, is haar grenzen beter te bewaken. 'Ik heb de neiging te lang door te gaan,' vertelt ze. 'Ik hanteer altijd een strak schema voor mezelf: dan doe ik dit, en dan doe ik dat. Maar als mijn dochters bellen, laat ik alles uit mijn handen vallen en ga ik mee op stap. Als ik dan thuiskom móet ik van mezelf het huishouden nog doen. Dat zit nu eenmaal in mijn systeem. Tijdens de behandeling werd dan gevraagd: is dat nou eigenlijk wel nodig, dat jij altijd op donderdag die badkamer poetst? Je kunt het toch ook anders doen?' Dat hielp, vond Nel Knegt, maar niet van de één op de andere dag. 'Het is echt een kwestie van discipline.' Het scheelt voor haar enorm dat haar man sinds kort thuis is. 'Hij doet alles wat te zwaar voor me is. Het moeilijke is soms wel dat hij het doet wanneer híj vindt dat het nodig is, niet wanneer ik 'm daar opdracht toe geef. Ik moet leren accepteren dat 't niet gaat zoals ik 't zou doen.'

Stoeien
De groepsbehandeling bestaat naast het werken aan gedragsverandering ook uit een aantal praktische componenten, zoals een heldere uitleg over medicijngebruik. Nel Knegt vond dat erg prettig. 'Ik heb 't ooit allemaal geweten, maar het is goed dat het opgefrist wordt. Om weer te weten wat je slikt, en waarom. En dat je gerust een paracetamol kunt nemen als je last hebt- je vermindert daar niet alleen de pijn mee, maar je voorkomt dat je stijver wordt omdat je anders je handen minder gebruikt vanwege de pijn.' Ze maakt inmiddels ook dankbaar gebruik van een aantal praktische trucs die ze tijdens de groepsbijeenkomsten oppikte. 'Ik heb bijvoorbeeld nu een doekje in de keuken liggen waar ik potjes mee openmaak. Het zijn hele kleine dingen, maar je denkt er normaal niet aan.' Ze is vriendelijker geworden voor zichzelf. 'Als ik vroeger uit eten ging en geen scherp mes kreeg om mijn vlees te snijden, ging ik zitten stoeien. Nu vraag ik gewoon om een scherper mes.'

Eye-opener
De groepsbijeenkomsten zijn haar goed bevallen. 'Het was erg gezellig, ik keek er echt naar uit. Er werd veel gelachen, maar Desi en Christel (Korthaus en Kremers, gespecialiseerd reumaverpleegkundige en ergotherapeut, red.) waren ook erg duidelijk. Onderling was er veel herkenning. En wat voor mij echt een eye-opener was, was dat ik zelf ging vinden dat ik het helemaal zo slecht nog niet heb.' Want ondanks het lichamelijk leed telt Nel Knegt nog steeds haar zegeningen. 'Er zijn zoveel mensen die klagen over ouder worden, maar ik vind dat je er zóveel voor terugkrijgt,' zegt ze. 'Ik heb kleinkinderen, méér vakantiedagen, we gaan er vaak op uit; ik vind 't helemaal niet erg om ouder te worden. Er zijn een hoop mensen die mijn leeftijd niet eens halen. Wij genieten van elke dag.'