U bent hier: Home » Nieuws » Patiëntervaringen » Patiëntervaring

Ik had me geen betere leerschool kunnen wensen

Ans Willems-Driessen (70 jaar) uit Groesbeek heeft een lang Maartenskliniek-verleden: in totaal heeft ze hier zo’n dertig operaties aan haar voeten en benen gehad. Ze heeft inmiddels protheses in zowel haar knieën als enkels. De Sint Maartenskliniek speelt een grote rol in haar leven en ze bewaart veel goede herinneringen aan het ziekenhuis. ‘Ik heb er geleerd om voor mezelf op te komen, niet te zeuren en niet op te geven.’

‘Ik werd in 1941 geboren met klompvoeten en rare knieën’, vertelt Willems-Driessen. ‘Mijn vader was een vriend van dr. Bär. Daarom lag ik negen dagen na mijn geboorte al in de Sint Maartenskliniek en werd ik na negen weken geopereerd. Als dat niet zo snel was gebeurd, had ik nu misschien met van die hoge schoenen gelopen.’ Ze is uiteindelijk ongeveer dertig keer geopereerd aan haar voeten en benen, waarvan drie keer in de laatste zeven jaar. ‘Ik moet sowieso nog één keer onder het mes voor mijn rechtervoet. Die operatie stel ik wel zo lang mogelijk uit.’

Heimwee naar de kliniek
Natuurlijk heeft ze een heftige jeugd gehad met haar aandoening en al die operaties. Toch heeft ze veel goede herinneringen aan de Sint Maartenskliniek. ‘Ik was ook niet ziek,’ legt ze uit, ‘dat scheelde absoluut.’ Toen ze zeven jaar was, lag ze een tijd in het ziekenhuis en kreeg ze heimwee naar huis. Willems-Driessen begint te lachen. ‘Eenmaal thuis kreeg ik weer heimwee naar de Sint Maartenskliniek. Er was hier ook zoveel te doen. Ik heb veel met andere kinderen gespeeld: van de dijk af en kijken wie het eerst boven was, krijgertje spelen en met de rolstoelen achter elkaar over de gang racen.’

Carnaval met ‘dr. Beer’
‘In mijn tienerjaren wilden we een keer op de zaal carnaval vieren. Van hoofdzuster Jansen mocht dat niet, maar dr. Bär vond het juist een leuk idee. Mijn vader bracht hapjes en drankjes langs en we maakten er een leuk feestje van, inclusief verkleedpartijen en versieringen. Zuster Jansen werd kwaad, terwijl dr. Bär meteen een berenmasker opzette toen hij binnenkwam. Een grappig contrast’, herinnert ze zich.

Bijzondere herinneringen
Ze glundert en vertelt enthousiast verder. Onder andere over het meezingen en –swingen met Arbeidsvitaminen op de zaal. Ook is ze een keer met haar rolstoel van de berg afgesjeesd. Willems-Driessen: ‘Omdat ik tegen mijn vriend zei dat hij me wel kon loslaten. Dat kon dus blijkbaar niet. Ik vloog met rolstoel en al door de deur van het café onder aan de berg, waar nu restaurant Tante Koosje zit. Dat was even schrikken.’ Toen ze zeventien was, zat ze na een operatie tot haar middel in het gips. Om dat gips te laten drogen, lag ze een week lang onder hete lampen en met een stok tussen haar benen op bed. Willems-Driessen: ‘Toen het gips er na maanden afmocht, kwam er allemaal bestek tevoorschijn. Dat had ik gebruikt om mezelf te krabben.’

Vroeger was alles beter…
Tegenwoordig gaat die behandeling heel anders. Het gips is zo droog en mag er ook veel sneller af. ‘Vroeger lag je soms twee of drie maanden in het ziekenhuis’, zegt Willems-Driessen. ‘Nu sta je binnen een paar dagen al weer buiten. Daardoor is het contact en de band met de mensen van het ziekenhuis veel minder geworden. Er is nu vooral aandacht voor de aandoening en de behandeling en minder voor de patiënt zelf. Dat begrijp ik ook wel, want alles moet tegenwoordig snel snel. Maar ik denk toch dat af en toe een praatje maken goed is voor de genezing.’

…of toch niet?
‘Een ander verschil met vroeger is dat ik nu door allemaal verschillende mensen wordt geholpen’, geeft ze aan. ‘De één doet mijn voeten, de ander mijn enkels en weer een ander opereert mijn knieën. In mijn jeugd deed dr. Bär dat allemaal zelf.’ De behandelingen zijn volgens Willems-Driessen allemaal veel beter geworden. De oefeningen doen bijvoorbeeld veel minder pijn. En ze kan tegenwoordig zelf de verdoving regelen met een pompje bij de wond. ‘Dat is natuurlijk veel fijner dan wanneer ze zo’n grote, pijnlijke spuit in je lichaam steken’, lacht ze.

Doorzetter
De Sint Maartenskliniek heeft een grote rol gespeeld in het leven van Ans Willems-Driessen. ‘Mijn periodes daar hebben me gevormd tot wie ik nu ben’, zegt ze stellig. ‘Meer nog dan mijn thuissituatie. Ik had me geen betere leerschool kunnen wensen. Zo heb ik er geleerd om voor mezelf op te komen, niet te zeuren en niet op te geven. Die mentaliteit heb ik nog steeds. Zonder die mentaliteit en zonder de Sint Maartenskliniek had ik nu niet, of in ieder geval veel minder goed, kunnen lopen.’