Menu

Klompvoeten. Weurtenaar Ton Albers heeft er zijn hele leven lang last van gehad. Of beter: bijna zijn hele leven, want in februari 2019 onderging de inmiddels 73-jarige Ton een operatie, waardoor hij nu zelfs op confectieschoenen kan lopen. “De dokter heeft een wonder verricht.”

“Bij de Sint Maartenskliniek was de poli destijds nog in een houten barak gevestigd. Tussen 8 uur ’s ochtends en vijf uur ’s avonds kon je behandeld worden. Hoe laat wist je niet, want er werden geen afspraken gemaakt. Je zat dus te wachten tot een non je riep voor je behandeling. Telkens als er een deur piepte, veerde je op.” Aan het woord is Ton Albers. Hij werd in 1946 geboren met twee klompvoeten. Zijn rechtervoet was goed te herstellen, de linkervoet werd naar de kennis van toen geopereerd in de Sint Maartenskliniek. Zonder het gewenste resultaat…

Bruinbakken onder een schuifdak

Een vervolgoperatie zat er voorlopig niet in. “Ik moest eerst ‘uit de groei’ zijn. Vervelend, want lopen ging moeilijk. Vandaar dat mijn broers mij op een kinderwagen-met-plank naar school trokken. Dat hebben ze een tijdje gedaan, tot ik wat beter kon lopen. Op mijn 18e kon ik eindelijk aan mijn linkervoet geopereerd worden. Ook die operatie heeft niet veel opgeleverd. Al kijk ik daar wel met een grote grijns op terug. Ik lag met 27 anderen in een lighal met een schuifdak. Dat dak stond de hele dag open, zodat we lekker aan het bruinbranden waren. Kwam er ineens een enorme regenbui! Ik heb de verpleegkundigen nog nooit zo zien stressen. Ook de avonden waren mooi. Bij de wisseling naar de nachtverpleging plaatsten we vaak een enorme bestelling bij de friettent. Snacks, maar ook flessen bier. Van het statiegeld heeft de kliniek nog een Sint Nicolaasfeest georganiseerd voor langdurig zieke kinderen.”

Orthopedisch schoeisel jaren ‘60

Na de operatie in het begin van de jaren zestig brak er voor Ton een langdurige periode aan waarin zijn klompvoet niet behandeld werd. “Er viel simpelweg niets te behandelen”, legt Ton uit. “Dus ging ik door met mijn leven. Zo ging ik onder meer werken. Eerst bij de Gemeente Nijmegen, vervolgens in de confectie-industrie en daarna als hoofdadministrateur bij het SSgN, een Nijmeegse school voor het voortgezet onderwijs. Daar heb ik tot mijn pensioen met veel plezier gewerkt. Op geen enkele werkplek heb ik opmerkingen gekregen over mijn klompvoet, ook niet toen ik orthopedisch schoeisel ging dragen. Dat typeert de tijd.”

Slagingskans 20 jaar geleden 50/50

“Twintig jaar geleden kreeg ik meer last van mijn voet”, vervolgt Ton. “Ik heb toen contact opgenomen met dokter J.W. Louwerens, een specialist van de Sint Maartenskliniek. Op de vraag of hij me kon opereren antwoordde hij dat de kans op succes 50/50 was. Ik heb er toen vanaf gezien. Maar toen ik in 2018 met mijn broers en zus in het Duitse Sauerland op vakantie was, ging het lopen erg slecht. Ik ben toen af en toe gaan zitten, terwijl de rest doorliep. Ik hield dan wel mijn mobieltje in de gaten, voor het geval ze zouden neerstrijken op een terras. Want dat wilde ik natuurlijk niet missen!”

Confectieschoenen door medische vooruitgang

Na het Duitse uitstapje nam Ton opnieuw contact op met dokter Louwerens. “Hij zag het nu zonniger in; de ontwikkelingen in de medische wereld hadden uiteraard niet stil gestaan. Zijn uitleg van
over de wijze van opereren was zo duidelijk, dat ik het zelf ook zag zitten. Dus volgde op 22 februari 2019 mijn operatie. De dokter heeft daarbij mijn linkervoet gedeeltelijk afgebroken en opnieuw opgebouwd. Een fikse ingreep, van 3 ½ uur, maar het resultaat mag er zijn. Sterker nog:
dokter Louwerens heeft een wonder verricht! Ik kan voor het eerst in mijn leven op gewone, stevige confectieschoenen lopen. Weliswaar met een steunzool, maar toch… Wat een verschil in gewicht!
Ik moest er wel even aan wennen, maar nu weet ik niet beter.”

Vrijwilliger als tegenprestatie

“Ik heb nu ook geen pijn meer”, vervolgt Ton. “Die is eigenlijk gestopt op de operatietafel. Van zowel de operatie als de daaropvolgende therapie heb ik niets gevoeld. Het helpt natuurlijk ook wel dat de mensen van de verpleegafdeling en de gipskamer zo goed voor me hebben gezorgd. Ik heb op mijn 73ste zoveel geluk gevonden! Daarom ben ik ook zo blij dat ik iets terug kan doen. Sinds enkele jaren ben ik vrijwilliger bij de Sint Maartenskliniek. Het is sowieso fijn om onder de mensen te zijn, maar ik zie het ook als tegenprestatie van wat mij is overkomen. Vrijwilliger zijn, verruimt je blik. Ik wil dit nog jaren blijven doen. Op lichtgewicht schoenen!”