Wanneer biedt een verwijzing naar de handrevalidatie uitkomst?
Pijn- of bewegingsklachten in de handen hebben vaak een grote impact op het dagelijks leven van een patiënt. Wanneer deze klachten lang aanhouden ontwikkelt de patiënt vaak een ander beweegpatroon, om de hand(en) te ontzien. Juist zo’n ander beweegpatroon kan andere klachten teweeg brengen. Het is daarom belangrijk om klachten snel te verminderen en te werken aan het behouden van het juiste beweegpatroon. Maar wat als de behandeling in de eerste lijn handtherapie onvoldoende resultaat oplevert? Of bestaande klachten ondanks behandeling aanhouden? Revalidatiearts M. van den Broek licht de mogelijkheden toe aan de hand van het protocol en een casus.
Praktische informatie
Verwijzen kan voor lang bestaande hand-/polsklachten (orthopedisch of neurologisch van origine) voor een analyse en eventueel behandeling, waarbij we ook de mogelijkheid hebben om eventueel de (plastisch-) chirurg of orthopeed in te schakelen.
Verwijzing via ZorgDomein CWZ: Revalidatie > hand/polsklachten
De revalidatiearts van de Sint Maartenskliniek voert deze behandeling uit. Deze informatie is ook te vinden op de verwijzer app.
U kunt deze app downloaden in de Apple App store (iPhone/iPad) of Google Play (Android-toestellen) en installeren op de telefoon of tablet. De gegevens van de app zijn ook beschikbaar in een desktopversie voor op de pc: https://zorgpartners-zuidoost.nl/.
Het Protocol
Patiënten doelgroep
Patiënten met hand- en polsklachten die langer bestaan en waarbij met 1ste lijn handtherapie onvoldoende resultaat wordt behaald. Of complexe problemen met invloed op activiteiten- en participatieniveau.
Wat zijn de doelen van de behandeling?
De diagnose en persoonlijke doelen van de patiënt zijn hierin leidend. Vaak komt dit neer op het verbeteren mee kunnen doen aan activiteiten en participatieniveau.
Protocol
Patiënt wordt verwezen door huisarts of andere medisch specialist voor handrevalidatie en wordt gezien op de polikliniek door de revalidatiearts of een physician assistant. Hierbij kunnen 3 fasen worden onderscheiden:
Intake
In kaart brengen van patiënt.
Uitvoeren van medische diagnostiek al of niet ondersteund door aanvullend onderzoek (bijvoorbeeld beeldvormende technieken).
Indien noodzakelijk doorverwijzing naar ander behandelteam indien de hand- en polsrevalidatie onderdeel is van de interdisciplinaire medisch specialistische revalidatie van een andere ziekte / klachten complex.
Behandeling
Medische behandeling, waaronder medicamenteuze behandeling of injectietechnieken.
Medische behandeling, waaronder medicamenteuze behandeling of injectietechnieken.
Inschakelen behandelteam voor paramedische en/of (neuro)psychologische behandeling.
Patiënt samen zien met plastisch chirurg, orthopeed of traumachirurg indien gedacht wordt aan chirurgische interventies.
Al of niet verwijzen voor lichaamsgebonden (technische) aanpassingen en voorzieningen (orthesen, prothesen, hulpmiddelen).
Advisering aan collega’s (huisarts, verwijzer) en/of bij patiënt betrokken maatschappelijke organisaties.
Evaluatie
Klinimetrie
Pijn: NRS (Numeric Rating Scale), schaal 0 – 10
Kracht: manueel testen, dynamometer: JAMAR (knijpkracht), Preston (pinchkracht), pollexograph
Gewrichtsmobiliteit: goniometer, Kapandji
Sensibiliteit: Semmes-Weinstein monofilamenten
Beperkingen: COPM
Activiteiten/Participatie: (Quick)-DASH (Disability of Arm, Shoulder, Hand), PRWHE (Patient Rated Wrist and Hand Evaluation), MHQ (Michigan Hand outcomes Questionnaire)
