"Na jaren kan ik eindelijk weer pijnvrij bewegen"

Op relatief jonge leeftijd krijgt Rita Vink (55) een heupprothese. Het gaat lang goed, tot ze opnieuw aan haar kunstheup geopereerd moet worden. Helaas blijft ze na die heuprevisie pijnklachten houden en is lopen een enorme opgave. Een behandeling lijkt door haar eerdere operaties niet mogelijk, tót ze in de Sint Maartenskliniek terechtkomt. “Ineens had ik weer toekomstperspectief.”

Ze is absoluut geen type dat graag stil zit, lacht Rita Vink. “Ik ben een buitenmens, je ziet me niet snel met een puzzelboekje op de bank. Ik woon ook op een kleine boerderij met paarden, honden en katten en ben altijd in de weer.” Toch verandert Rita’s leven drastisch als ze op haar 39e van haar paard valt. “Ik liep een week lang slecht, maar dacht dat het vanzelf over zou gaan.” Tot ze op een dag niet meer op haar linkerbeen kan staan. Een lang traject volgt. “Ik bezocht de huisarts, kreeg pijnstillers, volgde fysiotherapie, maar de zeurende, stekende pijn in mijn heup ging niet weg.” In het ziekenhuis wordt al snel duidelijk wat er aan de hand is. “Op foto’s was zichtbaar dat er nog minder dan vijftig procent bot zat in mijn heupkop. Het was één grote gatenkaas.”
Een kunstheup is onvermijdelijk, maar de artsen wachten daar liever nog mee gezien Rita’s jonge leeftijd. Als pijnstillers na anderhalf jaar niet meer werken, komt ze alsnog in aanmerking voor een operatie. Die verloopt voorspoedig en Rita mag al snel naar huis. “Ik wilde zo snel mogelijk beginnen met fysiotherapie en mobiel worden. Dat lukte: ik kon weer hardlopen, paardrijden en schaatsen. Ik voelde daarin weinig verschil tussen mijn linker- en rechterheup.”


Eerste heuprevisie

Helaas komt Rita in 2016 – zo’n tien jaar na haar operatie – opnieuw ten val als ze een losgebroken paard probeert te vangen. Ze breekt daarbij haar bovenarm en moet een paar maanden herstellen. “Toen ik de draad weer wilde oppakken, merkte ik dat ik niet meer op mijn paard kon zitten. Ook wandelen en hardlopen deden pijn. Eerder was dat me niet opgevallen, omdat mijn arm alle aandacht vroeg. Toch wist ik meteen: dit is niet goed.” Rita blijkt een breuk in haar kunstkom te hebben. In het ziekenhuis waar ze eerder haar heupprothese kreeg, komt ze in aanmerking voor een heuprevisie. Daarbij wordt de kom wordt vervangen voor donorbot. Helaas geeft de ingreep niet het gewenste resultaat. “Het herstel ging al moeizaam door complicaties tijdens de operatie, maar ik blééf ook klachten houden. Fysiotherapie hielp niet, en zelfs na een periode in een revalidatiecentrum hield ik pijn en liep ik slecht.”

Domme pech
Rita gaat weer terug naar het ziekenhuis – het is inmiddels anderhalf jaar na de heuprevisie – en krijgt te horen dat het donorbot niet goed hecht. “Er was alleen geen behandeling meer mogelijk. De enige optie was om de kunstheup te verwijderen en verder te leven zonder.”
Een doemscenario voor Rita. “Dan kom ik thuis te zitten heb ik geen leven meer, dacht ik meteen. Ik had na mijn heuprevisie al afscheid genomen van actieve sporten als skiën en paardrijden, maar dan zou ik helemáál afhankelijk zijn van een rolstoel of krukken. Dát wilde ik niet – ik was pas begin vijftig!” 

Second opinion
Online zoekt Rita naar orthopeden die ervaring hebben met heuprevisies. Al snel komt ze uit bij de Sint Maartenskliniek en mag ze langskomen voor een second opinion. “Ik ging erheen in de veronderstelling dat dáár ook geen mogelijkheden meer waren.” De verrassing is dan ook groot als ze tegenover orthopeed Vincent Busch zit. “Ja hoor, daar kan ik wel wat mee”, zei hij. Dokter Busch vertelde dat ik een nieuwe kom zou krijgen en legde uit hoe dat in z’n werk ging. Er klonk geen enkele twijfel, hij kwam heel deskundig over. Gek genoeg moest ik echt even schakelen na dat nieuws. Ik ging van het slechtste uit, nu had ik ineens weer toekomstperspectief. Maar ik had het volste vertrouwen in dokter Busch. Bovendien was het mijn laatste kans op een normaal leven – die greep ik met beide handen aan.”

Snel herstel
De operatie verloopt goed en al snel mag Rita thuis herstellen. Het is dan net het begin van de coronacrisis. “Voor veel mensen een nare tijd, maar ik had het ‘geluk’ dat mijn kinderen thuis moesten blijven. Ze hielpen me met alles, waardoor ik me kon focussen op mijn herstel.” Twee maanden na de operatie loopt ze alweer zonder krukken. “In eerste instantie liep ik wel wat scheef. Niet zo gek, want ik had jarenlang een bepaalde houding aangenomen. Daarop kwam mijn fysiotherapeut een paar keer langs om me te helpen en corrigeren. Na vier keer liep ik alweer normaal!” Ook dokter Busch is te spreken over haar herstel. “Hij was aangenaam verrast toen ik tijdens de nacontrole opstond en naar hem toeliep.”

Leven terug
Rita blikt met een positief gevoel terug op de ingreep, nu ruim een jaar geleden. “Mijn leven is weer zoals het na mijn allereerste heupoperatie was. Ik neem nu alleen minder risico’s. Zo zit paardrijden of skiën er niet meer in. Gelukkig gaan wandelen en fietsen prima, al beweeg ik nooit langer dan een uur achter elkaar. Stel dat er opnieuw iets gebeurt, dan weet ik niet of ik nogmaals geopereerd kan worden. Ik ben daarom zuinig op mijn lijf.”
Ze kan andere patiënten een behandeling in de Sint Maartenskliniek alleen maar aanraden. “Ik zeg: doen. Er werken gespecialiseerde artsen die veel ervaring hebben, óók met jonge patiënten met heupklachten. Een betere plek kun je je kortom niet wensen.”