In uw knie zit aan zowel de binnenzijde als de buitenzijde een meniscus. Dit is een halvemaanvormig schijfje dat als een schokbreker werkt voor uw knie. Beschadigingen aan een meniscus komen veel voor.  

Mogelijke klachten bij meniscusletsel:

  • Een pijnlijke knie
  • Zwelling in de knie
  • Een ‘Klikkend’ gevoel
  • De knie springt op slot
  • U kunt de knie niet volledig meer strekken

De oorzaken van meniscusletsel

Een scheur(tje) in de meniscus kan geleidelijk ontstaan als de kwaliteit van een meniscus vermindert. Het kan ook plotseling gebeuren, bijvoorbeeld tijdens het sporten, bij een ongeval of wanneer u een verkeerde draaibeweging maakt.

De binnen- en de buitenmeniscus staan bij veel bewegingen onder grote druk. Bij een draaibeweging tijdens sport of werk, of bij een ongeval kan de druk te groot worden. Dan ontstaat een kleine of een grote scheur.
De kans op een scheur is groter als een meniscus verouderd is. De meniscus bestaat namelijk uit elastisch kraakbeen. Bij het ouder worden neemt de kwaliteit van dat weefsel af, waardoor de meniscus minder elastisch is en makkelijker scheurt. In dat laatste geval hoeft de meniscus trouwens geen klachten te geven; de kwaliteit van het kraakbeen op de uiteinden van het onder- en bovenbeen is door de leeftijd waarschijnlijk ook verminderd en ook dat kan pijnklachten geven (dit is artrose).

Bekend is ook dat overgewicht een nadelig
effect heeft op knieklachten. Wanneer iemand met overgewicht afvalt zullen de knie klachten afnemen. Daarnaast is ook bekend dat kracht training van de bovenbeen spieren ook knieklachten verminderd. Overgewicht en niet goed getrainde bovenbeenspieren zijn dus negatieve factoren.

De diagnose bij meniscusletsel
De arts stelt de diagnose meniscusscheur aan de hand van uw klachten en het lichamelijk onderzoek. Uw arts vraagt wat er is gebeurd, wat u voelt en of u eerder knieklachten heeft gehad. Er wordt een röntgenfoto gemaakt om andere oorzaken voor de klachten uit te sluiten. En als de diagnose nog niet helemaal duidelijk is, kan een MRI-scan nodig zijn. Deze scan maakt met een sterk magnetisch veld details van de binnenzijde van uw knie zichtbaar.

De behandeling bij meniscusletsel:

Spontane genezing van meniscusletsel
Een meniscusscheur kan spontaan genezen als de scheur zich bevindt in het relatief goed doorbloede buitenste deel van de meniscus. Dit herstel vergt enkele maanden; op jongere leeftijd verloopt deze genezing beter dan op oudere leeftijd.

De kijkoperatie (artroscopie)
Bij blijvende pijn of ‘op slot’-klachten is een kijkoperatie (artroscopie) verstandig. Zo nodig behandelt de orthopedisch chirurg direct het letsel van de meniscus. Heel soms kan de scheur in de meniscus gehecht worden. Dit heet: meniscopexie. Maar meestal moet een deel van de meniscus verwijderd worden; dat heet partiële meniscectomie. De orthopedisch chirurg haalt zo min mogelijk weefsel weg, zodat de meniscus zo goed mogelijk zijn schokdempende werking behoudt.

Bij patiënten boven de 50 jaar is er een landelijke afspraak dat er geen kijkoperatie meer wordt verricht, omdat uit ervaringen van het verleden blijkt dat er bij deze patiënten sprake is van een verouderd gewricht. De behandeling leidt niet tot een gunstig resultaat soms geeft het zelf een verergering van de klachten. 

Meniscustransplantatie

Wanneer bij u een (sub)totale meniscus is verwijderd (menisectomie), zal de druk op uw kraakbeen toe gaan nemen.

De klachten bij totale menisectomie:

  • Pijn en instabiliteit
  • ‘Giving way’ (het gevoel dat u door uw knie heen zakt)
  • Het gevoel dat uw knie tijdelijk vastzit en vervolgens weer van het ‘slot’ raakt

De indicatie voor een meniscustransplantatie is:

Er is sprake van invaliderende pijn na (sub)totale meniscectomie bij een patiënt jonger dan 45-50 jaar, met een neutrale been-as (recht been)en een stabiele knie.

Wanneer de knie instabiel is door een gescheurde voorste kruisband moet gelijktijdig met de meniscustransplantatie
een voorste kruisbandreconstructie plaats vinden. De BMI ( body mass index) moet onder de 35 zijn.

De diagnose voor de behandeling

Doorverwijzing

1

Vraaggesprek en lichamelijk onderzoek

2

Bloedonderzoek

3 Optioneel

Röntgenonderzoek

4 Optioneel

Behandelingen