De gipsmeester en zijn vak zijn tegenwoordig niet meer uit de ziekenhuiswereld weg te denken. Toch is het nog niet heel lang geleden dat dit beroep is ontstaan. In 1951 begon Theo Wiellersen bij de Sint Maartenskliniek te werken. In korte tijd werd hij de eerste gipsmeester van Nederland. De rest is geschiedenis. Voor Theo in 2013 overleed heeft hij in een interview veel van zijn ervaringen en verhalen verteld. Lees hieronder het verhaal van de vader van het Nederlandse gipsmeesterschap.

Wie Theo Wiellersen, hoofd van de Gipskamer van 1956 tot 1980, vraagt naar zijn Maartenskliniekvaringen, mag wel wat tijd uittrekken. De rasverteller is niet te stoppen en voorziet je van de ene anekdote na de andere. Zijn enthousiasme illustreert de warme band die hij voelt met de kliniek. Want de Maartenskliniek was en blijft toch een beetje zijn kindje.

Eerste arbeidscontract

Het sollicitatiegesprek van Wiellersen met dr. Bär, de eerste geneesheerdirecteur, liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Wiellersen: 'Wat houdt dat in, gipsmeester?' Bär: 'Weet ik nog niet, beetje assisteren, aangeven, vasthouden en schoonmaken.' Wiellersen: 'Maar ik wil ook gipsen!' Bär: 'Dat kan niet, dat moet een arts doen.' Het gebrek aan wervingskracht van Bär weerhield Wiellersen niet om in 1951 de overstap te maken naar de Maartenskliniek. De functie Gipsmeester bestond nog niet. Theo Wiellersen werd de eerste Gipsmeester van Nederland.

Bär hield woord, de eerste jaren mocht Wiellersen alleen maar assisteren. 'Dokter Zwart, een arts-assistent, heeft het mij stiekem toch geleerd, spalkjes zetten en zo,' vertelt Wiellersen. 'Ik mocht dat niet aan Bär vertellen, want die was dan heel boos geworden.' Toch had de geneesheerdirecteur in de gaten dat de Gipsmeester meer in zijn mars had want na vier jaar mocht hij kniespalken zetten bij x-benen. Het ging zelfs zo goed, dat Bär Wiellersen een arbeidscontract voorlegde. Wiellersen: 'Hij was bang dat ik anders de kuierlatten zou nemen.' Het leverde hem een inkomen op van fl. 43,41 per week.

gipsmeester.jpg#asset:4341

Van gipsmeester naar hoofd

Het contract gaf de gewenste vastigheid. Wiellersen: 'Toen was ik niet meer te houden. Ik deed alles, gipsbedden maken voor patiënten met rugklachten, spalken, been- en armgipsen, operatiepatiënten. Maar, ik moest het wel altijd laten zien aan Bär.' In 1956 maakte Wiellersen onverwachts een grote stap in zijn carrière. 'Bär kwam 's middags binnen en zei: 'Bruur,' want zo noemde hij mij altijd, 'morgen word je hoofd van de Gipskamer. Nou hoef je nooit meer te zaniken over vakantie en vrije dagen, want als hoofd moet je vooral veel werken.' Wiellersen ging maar liefst 450 gulden per maand verdienen. 'Dr. Bär, wat moet ik met al dat geld doen?', was zijn reactie. Vanaf 1964 ging zijn vaktechnische ontwikkeling in vogelvlucht. Wiellersen: 'Bossers stuurde mij naar Parijs om te leren bij één van de grote orthopaedieklinieken. Die van de chirurg Cotrel. Samen met Slot (orthopaedisch chirurg, red.) heb ik nog een Cotreltafel mee naar Nederland gesmokkeld, een speciale operatietafel voor scoliosepatiënten, want zoiets bestond hier nog niet.'

Reputatie

Wiellersen werd in de jaren zestig en zeventig veelvuldig gevraagd om lezingen te geven, ook in het buitenland. En hij trad op in een aantal instructiefilms. Wiellersen: 'In 1973 verscheen het eerste synthetische gips, de Light Cast, van MSD. Op de Maartenskliniek werd een film gedraaid die de wereld is rond gegaan. Tijdens het draaien kwam de Amerikaanse directeur van MSD een kijkje nemen. Na de opname schoof hij mij een briefje toe met een aanbod: ik zou 1 miljoen gulden verdienen in twee jaar tijd als ik met hem meeging naar Amerika. Maar ik zei nee, want ik vond het veel te fijn op de kliniek. Goh, wat was die man beledigd.'

Het was soms ook wel vechten tegen de bierkaai voor Wiellersen, omdat hij 'enige in zijn soort was'. Uitbreiding van de afdeling was nodig gezien de groei van het aantal patiënten. Halverwege de jaren zestig waren dat er zo'n veertig op een ochtend. Maar gipsmeesters waren er eenvoudigweg niet. Wiellersen: 'In 1964 heb ik de Nederlandse Vereniging van Gipsverbandmeesters opgericht met als doel een opleiding tot stand te brengen. Ik ben er nog steeds trots op dat ik zelf jullie huidige hoofd van de Gipskamer, Helmie Cornellissen, heb mogen opleiden.'