Download dit plan

Als een behandeling met rust en/of schoenaanpassingen niet werkt, kan een operatie een optie zijn. Het type operatie hangt af van de grootte en de plek van de coalitie. Maar ook van de leeftijd van de patiënt. Tijdens de operatie wordt de coalitie verwijderd of wordt de voetwortel vastgezet . De orthopeed bespreekt met je de voor- en nadelen van de verschillende behandelopties.

Onze behandeling

print

Een goede voorbereiding van je bezoek aan onze polikliniek is belangrijk. Daarom is het handig als je vooraf van een aantal zaken op de hoogte bent.

Vragen formuleren

Een goed idee is om thuis met je ouders alvast op te schrijven welke vragen je ons wilt stellen en welke informatie je zelf wilt vertellen. Zo voorkom je dat je iets vergeet te zeggen. Bovendien kan het helpen om goed onder woorden te brengen wat je klachten zijn.

Sms-dienst

In principe ontvang je één week vóór je afspraak een sms-bericht van ons, met een herinnering aan onze afspraak. Als je geen mobiele telefoon hebt of geen sms-bericht wilt ontvangen, kunnen je ouders dit telefonisch aan ons doorgeven.

Waar meld je je?

Je meldt je samen met je ouder(s) bij de polikliniek Orthopedie, vijftien minuten vóór de afgesproken tijd. Wanneer je voor de eerste keer komt, word je eerst ingeschreven. Zijn er gegevens (zoals adres, zorgverzekeraar of huisarts) veranderd, dan geven je ouders dat ook bij aankomst bij de polikliniek Orthopedie door. De polikliniek Orthopedie vind je vanuit de hoofdingang op de begane grond aan de linkerkant (routenummer 006). Als het nodig is, kun je gebruikmaken van een rolstoel (borg €2,00).

Als je niet kunt komen

Kunnen jij en je ouders niet naar de afspraak komen? Geef dit dan uiterlijk 24 uur van tevoren aan ons door via telefoonnummer (0485) 84 53 50 (maandag tot en met vrijdag 8.30 tot 16.30 uur).

Wat neem je mee?

Bij je bezoek aan de polikliniek is het belangrijk dat je ouders onderstaande zaken meenemen:

  • Afspraakbevestiging
  • Verzekeringspas
  • Legitimatiebewijs zoals paspoort, rijbewijs of identiteitsbewijs
  • Overzicht van medicijnen die je gebruikt (verkrijgbaar bij de apotheek) (indien van toepassing)

Voorkomen van MRSA- en BRMO-bacterie

De Sint Maartenskliniek stelt alles in het werk om infecties bij patiënten te voorkomen. Je kunt daar zelf aan meehelpen. Wanneer je één van de volgende vijf vragen met ‘ja’ kun beantwoorden, verzoeken wij jou en je ouders dit aan te geven bij de afdeling waar je onder behandeling bent. Je hebt dan mogelijk een verhoogde kans dat je de MRSA- of BRMO-bacterie draagt. Gezonde mensen worden van deze bacteriën niet ziek. Om te voorkomen dat andere patiënten besmet raken, worden er extra maatregelen genomen.

  • Heb je in de afgelopen twee maanden langer dan 24 uur in een buitenlands ziekenhuis gelegen?
  • Woon je in of hebben je ouders een bedrijf met levende vleeskalveren, varkens of vleeskuikens?
  • Ben je drager van de MRSA-bacterie of een ander Bijzonder Resistent Micro Organisme (BRMO)?
  • Zijn je ouders of andere gezinsleden drager van de MRSA-bacterie? Ben je opgenomen geweest in een Nederlands ziekenhuis of zorginstelling waar een probleem heerste met MRSA of een ander Bijzonder Resistent Micro Organisme (BRMO)?
print

Tijdens het eerste bezoek aan de polikliniek Orthopedie stellen we jou en je ouders een aantal vragen. Ook word je lichamelijk onderzocht.

Aanvullend onderzoek

Naar aanleiding van je ziektegeschiedenis en het lichamelijk onderzoek besluit de behandelaar of dezelfde dag nog andere onderzoeken nodig zijn, zoals bloed prikken of röntgenfoto’s maken. Soms lukt het niet om een aanvullend onderzoek op dezelfde dag te laten plaatsvinden. Dan maken we met jou en je ouders een afspraak op een andere datum.

Medicatie

Jouw behandelaar kan tijdens het consult besluiten om je medicatie voor te schrijven. Het is dan ook belangrijk dat jij en je ouders weten welke medicatie je op dit moment gebruikt, of in het verleden hebt gebruikt. Denk daarbij ook aan medicatie waarvoor je allergisch bent.

Pre-operatief onderzoek

Als je behandelaar tijdens de afspraak een operatie adviseert en je gaat daarmee akkoord, dan kan het zijn dat je direct na de poli-afspraak een pre-operatief onderzoek krijgt. Dit onderzoek is bedoeld om te beoordelen of de operatie veilig is uit te voeren. Het pre-operatief onderzoek is op de polikliniek Orthopedie en duurt ongeveer 2 uur. Soms lukt het niet om het pre-operatief onderzoek op dezelfde dag te laten plaatsvinden. Dan maken we met jou en je ouders een afspraak op een andere datum.

print

Tijdens de operatie wordt de vergroeiing verwijderd. Hierdoor ontstaat meer beweging in de voet, wat ervoor zorgt dat de pijn minder wordt of helemaal weggaat.

De voet wordt zal nooit zo soepel worden als je andere voet, waaraan je geen klachten hebt. Het doel van de operatie is ervoor zorgen dat jij minder pijn hebt. Zodat je weer makkelijk de dagelijkse dingen kan doen.

Na de operatie krijg je twee weken een gips, waarop je niet mag staan. Hierna start je met fysiotherapie om de beweging in je voet te trainen.

print

Alle operaties brengen risico’s met zich mee. Zoals bijvoorbeeld een ontsteking of problemen met de wond. Bij deze operatie is er nog een ander risico waar je last van kan krijgen. Namelijk dat de coalitie na het verwijderen terug komt. Dit gebeurt soms. Als dit ook tot klachten leidt, wordt er opnieuw gekeken wat dan zou kunnen helpen.

 

print

Kinderafdeling
Na de operatie krijg je gips om je voet en blijf je nog even in het ziekenhuis. Als alles goed met je gaat, mag je naar huis. Heel soms blijf je een nachtje logeren op de kinderafdeling. Een van je ouder(s) of verzorger(s) mag (mogen) dan bij je blijven slapen.

Pijnmedicatie
Het is belangrijk dat je geen of zo min mogelijk pijn hebt na de operatie. Daarom schrijft de dokter in het ziekenhuis je paracetamol of andere medicijnen voor. Ook geeft de dokter je advies hoe je thuis met medicijnen de pijn kunt bestrijden.

De wond
Tijdens de operatie hebben we één of meerdere wondjes in je voet of onderbeen gemaakt. De wondjes zijn meestal niet zichtbaar omdat je voet of onderbeen in het verband of gips zit. Dit blijft meestal zitten tot je weer op de gipskamer komt.

Belasting
Na de operatie komt er gips om je voet. Op dit gips mag je twee weken niet staan. Je zit dan in een rolstoel of loopt met krukken. Het is erg belangrijk dat je jouw voet goed omhoog houdt. Je voet hoger dan je knie. Dit zorgt ervoor dat er minder zwelling ontstaat in je voet, waardoor de wond beter kan herstellen en je minder pijn hebt.

Controle van het gips
Twee weken na de operatie kom je langs op de gipskamer bij de gipsverbandmeester en de orthopeed. Zij kijken hoe het gaat.

Weer leren bewegen
Tijdens jouw bezoek aan de gipskamer krijg je een verwijzing van de artsen mee om fysiotherapie te volgen. Tijdens de fysiotherapie leer je jouw voet weer zo soepel mogelijk te bewegen.

Controle
Zes weken na de operatie kom je weer terug bij de arts. Die controleert hoe het gaat. Daarna zal de arts je nog een paar keer terugzien. Hier zit wat meer tijd tussen dan voorheen.  

print

Vanaf twee weken na de operatie ga je onder begeleiding van een fysiotherapeut aan de slag met revalideren. We richten ons op de kwaliteit van het lopen en op het opbouwen van je conditie.

In het begin ga je aan de slag met rustig  je voet bewegen en leniger worden. Vervolgens bouw je de belasting en spierkracht op. Daarna loop je steeds meer en verder.

Sporten mag je weer zodra het lukt.

Het is belangrijk dat je thuis zelf gaat oefenen. Hierdoor herstel je sneller en beter. Een fysiotherapeut kan je laten zien welke oefeningen je kunt doen. Hij of zij kan je ook vertellen wanneer en hoe vaak je welke oefening mag doen.

Controles
Twee weken na de operatie kom je op controle op de gipskamer bij de gipsverbandmeester en de orthopeed. Zes weken na de operatie kom je weer op controle.  Daarna zal de orthopeed je nog een paar keer terugzien, maar met wat meer tijd ertussen.  

Aandachtspunten
In de eerste 2 weken mag je je voet niet belasten en raden we je aan je om je voet goed hoog te houden.