Het is zeker niet de eerste vraag van mensen vlak na een dwarslaesie. Die gaat vaak over kunnen lopen. Maar hij komt vrijwel altijd naar voren tijdens de revalidatie, bij zowel mannen als vrouwen: “Kan ik met mijn dwarslaesie nog wel kinderen krijgen?” Het antwoord: “Ja, in de meeste gevallen kan dat prima.” Er zijn meestal wel enkele verschillen tijdens de zwangerschap, bevalling en verzorging van het kind vergeleken met mensen zonder dwarslaesie. Wat die verschillen kunnen zijn, leggen revalidatieartsen Helma Bongers en Ilse van Nes uit in dit artikel

Het onderwerp ‘kinderen krijgen’ wordt in de revalidatie standaard behandeld. Ilse: “Linksom of rechtsom, die vraag komt toch altijd om de hoek kijken. Vooral als revalidanten nog geen kinderen hebben gekregen. En het antwoord is simpelweg: ‘Ja hoor, en we kennen hartstikke veel voorbeelden’. We merken dat dit bij onze revalidanten al veel rust geeft. Maar het is wel zwaarder om zwanger te zijn vanuit je rolstoel.”

Pas op

Revalidatieartsen Ilse van Nes en Helma Bongers (tevens medisch manager Revalidatiegeneeskunde), helpen regelmatig revalidanten met vragen over de kinderwens. Eén van de eerste adviezen? “Pas op dat je niet ongewild zwanger wordt.” Ilse waarschuwt vrouwelijke revalidanten ook nadrukkelijk: “Vooral voor het eerste weekendverlof. We merken namelijk regelmatig dat er verkeerde ideeën bestaan over zwanger worden met een dwarslaesie.” Vrouwen met een dwarslaesie kunnen eigenlijk net zo makkelijk zwanger raken als vrouwen zonder dwarslaesie. Helma benadrukt een ‘open deur’ die toch vaak wordt vergeten: “Je ruggenmerg bepaalt niet of je zwanger wordt, dat gaat via de hormonen. Anticonceptie is daarom ook voor vrouwen met een dwarslaesie belangrijk om rekening mee te houden. En let ook op met gebruik van de pil, die geeft namelijk altijd een risico op trombose, en dat risico is sterker als je de hele dag zittend doorbrengt.”

Spreekuur

Revalidanten met een dwarslaesie en een kinderwens kunnen terecht op het pre-conceptueel spreekuur van de afdeling Gynaecologie van het Radboudumc. Daar wordt onder andere het medicatiegebruik doorgenomen. Indien nodig worden er ook foto’s gemaakt van het bekken, om na te gaan of het kind op de ‘normale’ manier kan worden geboren. Over het algemeen heb je als vrouw met een dwarslaesie iets meer risico’s op complicaties tijdens een zwangerschap, dan een vrouw zonder dwarslaesie. Helma geeft aan: “Je wordt zwaarder. En wanneer je vanuit een rolstoel functioneert, wordt het risico op decubitus en trombose groter. Ook zien we dat blaasontstekingen vaker voorkomen tijdens de zwangerschap. Maar het is prima mogelijk om kinderen te krijgen na een dwarslaesie.” Bij een hoge dwarslaesie komt er volgens Helma een complicatie bij, de ademhaling: “De baby groeit in de buik, wat de ademhalingscapaciteit kan verminderen. Als dit problemen geeft, kan naar een individuele oplossing worden gezocht.”

Ilse: “Vrouwen met een dwarslaesie die kinderen willen, hebben soms zorgen of een keizersnede hun nog intacte buikspieren kan beschadigen. Dat is niet het geval. De buikspieren genezen weer na een aantal weken.” Helma vult aan: “Na een keizersnede wordt wel geadviseerd om de buikspieren 6 weken te ontzien. Dat is extra lastig als je vanuit een rolstoel functioneert. Daarom adviseren we een bevalling op de natuurlijke wijze als het kan.”

Tijdens de zwangerschap

Het kindje heeft tijdens de zwangerschap geen problemen door de dwarslaesie van de moeder. Het ontwikkelt zich in de baarmoeder net als andere kinderen. Het revalidatieteam kijkt tijdens de zwangerschap daarom vooral naar ‘hoe de moeder erbij zit’. Letterlijk. Helma: “De meeste mensen hebben een ‘ergonomische zithouding’ in hun rolstoel, waarbij de billen dieper in de rolstoel zitten dan de bovenbenen, een zogenaamde wig. Tijdens de zwangerschap, wanneer de buik groeit, is het moeilijker om vanuit deze diepere positie een transfer te maken. We kunnen dit tegengaan door de zitting aan te passen, en er kan gebruik worden gemaakt van een transferplank, zodat de transfer ook tijdens de zwangerschap kan worden gemaakt.”

Ilse: “We kennen veel revalidanten die kinderen hebben gekregen, en we bieden dan ook altijd aan om mensen met vragen in contact te brengen met hen.” Dit is vaak een prima manier om de grote en kleine vragen rond een zwangerschap te bespreken, met een ervaringsdeskundige.

Na de bevalling

De Sint Maartenskliniek helpt revalidanten ook voorbereiden op de kraamperiode. “In de laatste weken voorafgaand aan de bevalling oefenen we extra op de afdeling, bijvoorbeeld met het vasthouden en dragen van het kindje. We horen soms ook wisselende ervaringen met het geven van borstvoeding voor vrouwen met een hoge dwarslaesie. Soms lukt het en soms wil het niet lukken”, vertelt Ilse.

Op de Engelstalige website www.sciparenting.com kun je allerlei tips & tricks vinden voor zowel (aangepaste)hulpmiddelen als technieken voor de verzorging van de baby. Maar ook voor bijvoorbeeld het spelen en vervoeren van het kind.

Mannen

Ook mannen met een dwarslaesie hebben regelmatig vragen over hun mogelijke ouderschap. Met een dwarslaesie is een erectie met zaadlozing vaak niet mogelijk. Er zijn verschillende hulpmiddelen om daar een oplossing voor te vinden. Ilse: “Het komt soms ook voor dat mannen hun zaad willen invriezen, uit voorzorg voor als ze later toch kinderen willen krijgen. Dit wordt gedaan in samenwerking met het fertiliteitslaboratorium van het Radboudumc.”

 

Een ander aspect is de opvoeding. Als er een kind bij komt, dan komen er meestal toch extra verzorgende taken bij de moeder terecht. Terwijl zij waarschijnlijk ook al het nodige in de zorg voor haar man doet. Ilse: “Sommige mannen met een dwarslaesie denken er van tevoren misschien iets te makkelijk over, en anderen weer te zwaar zo van ’Dat kan ik haar niet aandoen’.” Helma vult aan: “Net als voor iedereen geldt ook voor mannen en vrouwen met een dwarslaesie: bespreek je wensen en mogelijkheden zo open en eerlijk mogelijk, zodat je samen goed weet waar je aan begint en wat je van elkaar kunt verwachten.”

 

Trots

Als de kinderen eenmaal wat ouder zijn, komen oud-revalidanten regelmatig terug op de poli met andere vragen. “Bijvoorbeeld over het gebruik van een bakfiets”, zegt Helma Bongers. Maar er is ook een andere reden om terug te komen. “De ouders zijn vaak heel trots om de kleine aan ons te laten zien. Dat vinden we ook heel leuk, we hebben samen tijdens de revalidatie immers een heel proces meegemaakt.”

 

”Soms zien we ook dat kinderen een hele zingevende rol kunnen hebben”, legt Ilse uit. “Het is lang niet voor iedereen met een dwarslaesie makkelijk om te werken. Als je daarmee moet stoppen, en je kunt samen met je partner (of alleen) die energie ook in de opvoeding van je kinderen stoppen, dan kan dat soms ook een hele zingevende rol zijn.” Helma: “Net als met heel andere dingen in het leven, moet een dwarslaesie je ook niet weerhouden van kinderen.” Ilse sluit af: “We kunnen als revalidatiearts echt een realistisch beeld schetsen. Het kan gewoon, er zijn alleen iets meer dingen om rekening mee te houden. Een dwarslaesie vergroot alles uit, het maakt alles scherper, ook in je karakter en je relatie met je partner. Blijf daarom vooral communiceren met elkaar.”

Wat nu te doen als je een kind wilt?

Stap 1: Heb je een partner, waar je samen kinderen mee wilt krijgen? Praat dan open en eerlijk met elkaar over deze wens, en alle eventuele vragen en zorgen die je samen hebt.

 

Stap 2: Stop met roken. En doe verder ook alle normale dingen die mensen zonder dwarslaesie doen, die ook een kind willen krijgen.

 

Stap 3: Praat er ook over met je revalidatiearts of behandelaar. En zoek uit waar je moet zijn voor de juiste begeleiding. Niet alle revalidatiecentra en niet alle ziekenhuizen bieden bijvoorbeeld alle begeleiding. Binnen de Sint Maartenskliniek begeleiden we het complete traject, met uitzondering van een zaad-operatie. Die gebeurt dan via het Radboudumc.

Wilt u meer weten over revalideren na een dwarslaesie bij de Sint Maartenskliniek, of heeft u specifieke hulpvragen? Kijk dan verder op deze pagina.