Menu
Bij de behandeling van jicht spelen medicijnen altijd een rol. Samen bekijken we welke medicatie het beste werkt voor u. De Sint Maartenskliniek streeft naar een dosering die zo laag mogelijk is en toch effectief is.

Uw arts kan bij jicht verschillende soorten medicijnen voorschrijven en combineren om een optimaal effect te krijgen. Welk middel uw arts voorschrijft, hangt af van het doel van de behandeling. Globaal gebruiken we bij jicht twee soorten medicijnen: ontstekingsremmers en middelen die het urinezuur verlagen. Het kan zijn dat u medicijnen gebruikt die het urinezuur verhogen en daarmee eventueel de jicht verergeren, zoals plastabletten. In sommige gevallen kunnen we hier een alternatief voor vinden. Het is belangrijk dat u niet zomaar of zonder overleg met uw arts stopt met het gebruik van uw plastabletten. Dit geeft namelijk ernstige risico's voor uw gezondheid.

Onze behandeling

Download dit plan
print

Gebruik van de medicijnen

De werking van een medicijn staat of valt met goed gebruik ervan. Het is daarom belangrijk dat u uw medicijnen goed inneemt, dat wil zeggen: volgens voorschrift. Dat vraagt enige zelfdiscipline. Houdt u zich niet aan het voorschrift, dan komt uw ziekte niet tot rust, en krijgt u eventueel zelfs last van blijvende gewrichtsschade. Heeft u moeite met het doorslikken van uw tabletten? Bespreek dit dan met uw arts. Vaak zijn alternatieve oplossingen mogelijk. Ook voor het bijhouden van uw medicijngebruik door de week heen, bestaan inmiddels handige oplossingen. Zo kunt u bijvoorbeeld een weekdoosje gebruiken, eventueel met ingebouwd wekkertje. Zodat u weet wanneer u welk medicijn moet innemen.

 

Vergoedingen

Uw medisch specialist mag een geregistreerd medicijn voorschrijven. Deze medicijnen worden vrijwel allemaal vergoed door de basisverzekering. Slechts in zeer hoge uitzondering is dit niet zo. De arts zal dit, voordat u start met het medicijn, aan u melden.

print

Bij het gebruik van medicijnen kunt u last krijgen van bijwerkingen. Of en welke bijwerkingen u eventueel krijgt, hangt af van uw situatie en medicijngebruik. Op deze pagina vindt u algemene informatie over bijwerkingen. Specifieke informatie over de werking en bijwerkingen van een bepaald medicijn leest u in de bijbehorende folders en bijsluiters.

Houd daarbij in gedachten dat de meeste mensen van een medicijn geen bijwerkingen krijgen. En dat de meeste bijwerkingen mild zijn en na een aantal weken vaak verdwijnen. Ernstige bijwerkingen komen heel weinig voor, bij minder dan 2 procent van de mensen die medicatie gebruiken. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om infecties zoals een longontsteking.

Wat moet u doen bij een bijwerking?

Heeft u last van ernstige bijwerkingen? Neem dan altijd contact op met de Sint Maartenskliniek. Soms adviseren wij u dan om (tijdelijk) met de medicatie te stoppen. Als u hersteld bent van de bijwerking, kunt u eventueel opnieuw beginnen met hetzelfde medicijn, maar dan in een lagere dosering. U kunt eventueel ook overstappen op een ander medicijn.

Vaak gaan de meeste bijwerkingen op den duur vanzelf over; het lichaam moet immers wennen aan de medicatie. Als u bijwerkingen ervaart die niet in de bijsluiter staan en/of die ernstig van aard zijn, is het altijd verstandig te overleggen met uw behandelaar.

Soms kunnen de bijwerkingen worden verminderd door het aanpassen van de dosis of door combinatie met een ander medicijn, zoals bijvoorbeeld een maagbeschermer. Ook het moment waarop u het medicijn inneemt, heeft soms invloed op de bijwerkingen, zoals tijdens het eten of vlak voor het slapengaan.

Bloedcontrole

Van sommige bijwerkingen heeft u zelf geen last, terwijl ze wel eventueel schadelijk kunnen zijn op langere termijn als ze niet op tijd worden opgemerkt. Het gaat bijvoorbeeld om verhoging van lever- of nierwaarden, of verlaging van de bloedcellen. We controleren daarom regelmatig uw bloed om in een vroeg stadium deze bijwerkingen van de reumamedicijnen te ontdekken. Uw medewerking hebben wij daarbij wel nodig. Het is daarom belangrijk dat u regelmatig uw bloed laat prikken.

print

Ontstekingsremmers worden gegeven voor de behandeling van jichtaanvallen of ter voorkoming van nieuwe aanvallen. Voorbeelden zijn ontstekingsremmende pijnstillers (NSAID’s), corticosteroïden en colchicine.

Klik hieronder op het medicijn waar u meer informatie over wilt lezen.

print

Als u frequent aanvallen heeft van gewrichtsontstekingen, geven we vaak medicijnen die het urinezuur verlagen zoals allopurinol, febuxostat en benzbromaron. We geven deze middelen ook als u kenmerken heeft van chronische jicht, bijvoorbeeld chronische gewrichtsklachten, gewrichtsbeschadiging of onderhuidse kristalophopingen (tophus).

Het duurt vaak 6 weken voordat we het effect van deze middelen op het urinezuurgehalte in uw bloed kunnen meten. Daarom controleren we u vaak pas 6 weken nadat u gestart bent met de medicatie. Als na verloop van tijd het urinezuurgehalte in uw bloed is gedaald tot normale hoeveelheden, heeft u geen last meer van jichtaanvallen. Om het urinezuurgehalte in uw lichaam laag te houden, moet u de medicijnen blijven slikken.

Klik hieronder op het medicijn waar u meer informatie over wilt lezen.